woensdag, maart 19

Wassergeest

Afgelopen zondag deed een vriendin van onze jongste zoon in Lisse belijdenis van haar geloof in Jezus Christus. Na afloop werden we uitgenodigd voor een kopje koffie bij haar thuis. En ondanks dat het heel vriendelijke mensen zijn, had ik me voorgenomen niet te gaan, want ik wilde graag een park in Lisse bekijken.

Dat park heet Wassergeest, en ligt vlak bij de Keukenhof. Het hoort bij kasteel de Keukenhof, eigenlijk meer een landhuis dan een kasteel en waarschijnlijk moet ik daarom ook niet over een park maar over een landgoed praten.

Twee jaar geleden had ik met mijn vrouiw al een route (Trekvaartroute) in deze omgeving gelopen, en we hadden ons toen voorgenomen ook de route door het landgoed te lopen. Deze zondag leek me een mooie gelegenheid om een tweede route te volgen. Alle drie de routes kunt u vinden bij het Zuid Hollands Landschap, dat de grond in beheer heeft.

Helaas miezerde het gestaag toen ik de kerk verliet, en zo bleef het ook de hele wandeling. Het eerste deel voerde door het park. De route was goed aangegeven met blauwe paaltjes. Wel even opletten, een of twee keer zag ik de paaltjes over het hoofd.

Het kan natuurlijk nauwelijks anders of het landgoed kent een groot aantal verwilderde narcissen en andere bollenplanten. Zo was ook het blauwe druifje vertegenwoordigd, en stinzeplanten waren uiteraard ook goed vertegenwoordigd. Zo kwam het sneeuwklokje in grote getale voor. Hele delen van het landgoed waren er mee bedekt, een mooi gezicht.


Narcissen interesseerden me nooit zo heel erg, maar ik moet eerlijk bekennen dat ze toch wel erg mooi zijn. Ondanks de regen kon ik het niet laten een paar plaatjes te schieten. Wat u hiernaast ziet zijn natuurlijk niet alle soorten; sommige soorten stonden er gewoon niet florisant genoeg bij om te fotograferen. Zelfs mijn lekenoog kon minstens 4 soorten of cultivars onderscheiden.


Achter kasteel keukenhof voerde de route langs een aantal minder goed onderhouden wegen me langs de kleine maagdenpalm. Deze plant kom ik wel vaker tegen in parken, waar hij dan netjes aangeplant is. Hier leek het een "wild" exemplaar, hoewel het ongetwijfeld meer verwilderd dan wild zal zijn.

De kleine maagdenpalm is in alle opzchten het kleinere broertje van de grote maagdenplam: de bladeren zijn kleiner, de bloemen zijn kleiner en de takken zijn volgens mij ook korter. Zelf vind ik deze twee soorten wel leuk, vooral omdat de grote maagdenpalm al jaren zomer en winter in onze tuin bloeit. Hij bloeit nooit overdadig, maar er zijn altijd wel een paar mooie paarse bloemen te vinden.

zaterdag, maart 15

Hoek van Holland



Het is voorjaar en alles begint uit te lopen. Vanmiddag wandelden we een stukje van het langeafstandswandelpad E-9 langs de kust, en begonnen bij Hoek van Holland. De parkeerplaats bij La Porte Salute bood een prima startplek.

Het stukje langs de Nieuwe Waterweg was niet bijzonder spannend, het strand bleek veel leuker.

We kwamen een wier tegen wat ons nog niet duidelijk is. Morgen eens kijken of we er iets over kunnen vinden. Op de foto moet u nog maar even wachten. Bij dat wier lag nog een leuke schelp, ziet er een beetje uit als een gevlochten fuikhoorn, ,maar ik moet eens aan een kenner vragen of het dat ook is.


Op de terugweg door de duinen had ik eigenlijk gehoopt een van de meidoorns in bloei te treffen, maar het was al te laat geworden. We hebben de weg maar genomen; jammer, want de komende zaterdagen lijken nogal druk bezet te zijn. De wilgenkatjes waren wel erg mooi.

Ook leuk was om te zien hoe alles gaat uitlopen. De bladknoppen van de duindoorn end e rimpelroos kwamen al goed door.

donderdag, februari 28

Lenteklokje

Meldde ik in mijn weblog van dinsdag dat ik maandag een hoop sneeuwklokjes zag, dinsdagavond wandelde ik opnieuw door het parkje, en dit keer namen we het voetpad langs de zuidrand. Ook hier zijn veel stinzenplkanten aangeplant: behalve de ook elders aanwezige sneeuwklokjes en daslook (nog niet in bloei, maar wel herkenbaar) stond hier ook het Lenteklokje al in bloei.
Hier zagen we ook de me de duidelijk generfde, pijlvormige bladeren van de Italiaanse aronskelk.

Langs de westkant staat een bosje waar we altijd voorbij liepen. Hier zagen we bladeren die sterk aan de Italiaanse arondkelk deden denken, maar zonder de duidelijke nerftekening. Ik ben van plan hem goed in de gaten te houden, en houdt up op de hoogte. Misschien is het wel de Gevlekte aronskelk. Dat zou leuk zijn; die heb ik namelijk nog niet eerder gezien.

dinsdag, februari 26

Sneeuwklokjes



Een van de parken in Den Haag is het Florence Nightingalepark, een klein park wat de gemeente Den Haag van plan is nog een 20% kleiner te maken. Maar voor een kort wandelingetje is het samen met het aanpalende Kleine Hout net genoeg. Nu de dagen wat lengen is daar, als ik een keer vroeg uit mijn werk thuis ben, weer eens tijd voor.

Een klein bossage in het midden kent een aantal stinzenplanten. Nu, half februari, bloeit daar nog alleen het sneeuwklokje. Straks komt daar de Daslook en de Sleutelbloem bij. maar daarvoor moet de zon nog wel wat in kracht toenemen. De krokus doet het naast de sneeuwklokjes ook al goed.

Misschien is het leuk om een keer op de Nederlandstalige wiki een serie over parken in Den Haag te beginnen. Of ik dat ook echt zal doen, weet ik nog niet, maar u kunt natuurlijk ook zelf beginnen.

maandag, februari 25

Muggen

Op zondagmiddag volgen mijn vrouw en ik een vaste route op weg naar en van de kerk. Op zondag 10 februari wees mijn vrouw naar een groep dansende muggen in de namiddagzon.

Muggen half februari. Ja, het weer is echt van slag.

woensdag, augustus 15


Nee, deze blog is niet dood. Ik ben alleen druk bezig geweest met andere zaken. En eigenlijk nog steeds.

De website van onze kerk, http://www.bethlehemkerk-denhaag.nl/, was door Arjen Robijn in een nieuw jasje gestoken. Een net jasje, maar een heleboel content stond en staat daarna nog in de oude overall. Daar begint nu een klein beetje beweging in te komen. Deze week hoop ik de eerste oude inhoudspagina over te zetten. Dan krijg ik weer een beetje lucht voor de planten.

En als ik aan planten denk, dan komt de Blauwe zeedistel in gedachten. Een typische duinplant, die ik tot deze zomer nog nooit in bloei had gezien. Een aantal bladeren, ten zuiden van Kijkduin, dat was alles. Geen ramp, op wikipedia had iemand er al een run-of-the-mill artikeltje over geschreven, maar ik bleef toch nieuwsgierig naar de plant.

Vlak voordat we naar de Achterhoek op vakantie gingen, kwam ik hem samen met mijn vrouw tegen, net aan het begin van de bloei, in de Scheveningse duinen. En nu, na de vakantie in Zwitserland, opnieuw, in de duinen bij Wassenaar.

De blauwe bloemschermen zijn best een mooi gezicht. Opvallend was dat in alle drie de gevallen de plant lokaal een redelijke populatie had: telkens bij 1 bepaalde duinovergang. Blijkbaar heeft de plant een plek nodig waar de grond toch iets verstoord is. En de plant zal wel zeldzaam blijven, want de drie duinovergangen liggen telkens een eind uit elkaar. Blijkbaar hebben de zaadjes moeite om de weg naar de volgende duinovergang te vinden.

Leuk klusje voor een mbo-er die een eindwerkstuk moet maken: inventariseer alle duinovergangen langs de Nederlandse kust op het voorkomen van de blauwe zeedistel. Dat moet een redelijke telling geven van het aantal exemplaren dat in Nederland in het wild voorkomt. En als dat teveel tijd is voor 1 mbo opdracht: tel ze dan eens voor 1 provincie. Dat is nog een aardig tijdsbeslag, want al die duinovergangen moeten wel afgelopen worden. Tip: ze groeien ook langs de Katwijkse boulevard.

Leuke afstudeeropdracht voor een hbo-er: wat zijn de ontkiemingsvoorwaarden voor de zaden? Waarom komt deze plant alleen bij duinovergangen voor, en niet ergens gewoon op de zeereep?

Aardig detail: de blauw grijze bladeren van de blauwe zeedistel zijn nogal vetplantachtig: er lijkt een blauwachtige vetlaagje over de bladeren te liggen. Ze ogen en voelen dan ook erg taai. Tot mijn verbazing trof ik toch een slak op een van deze bladeren aan.









maandag, maart 12

LAW

Law staat hier niet voor WET, zoals in LAW and ORDER, maar voor Lange Afstands Wandelpad. Mij vrouw schafte het boekje over het lange afstandswandelpad voor de kustweg aan, en afgelopen zaterdag hebben we daar een stukje van uitgeprobeerd.

De roodwitte blokje waren niet overal te vinden, soms wat oud en versleten, en de beschrijving liet ook wel eens wat te wensen over, maar met beide bronnen samen was de route goed te volgen. We begonnen in onze woonplaats Den Haag, en volgden het pad een stukje "terug", richting Kijkduin. In de boekjes van Bakkertje Deeg heette dat steevast Kijkjesduin.

Bij de Savorin Lohmanlaan begon het leuk: een vos liet zich bij de fietsenstalling zien. Mogelijk een oud of ziek exemplaar, want het maakte zich maar langzaam uit de voeten toen ik met mijn handcamera me dichterbij begaf.

Vanaf Kijkduin voerde de route naar Madenstein, en via een langgerekte plas langs de monsterse weg naar woongebied Polanen bij Monster. Bij natuurgebied Solleveld liepen we door de duinen terug naar de Savorin Lohmanlaan in Den Haag.

Het was een vermoeiende ruk, zo'n 12 km, voor onze eerste wandeling, maar een prima oefening. Voor de foto oogst was het wat teleurstellend, ik heb nog geen nieuwe bloeiende planten kunnen ontdekken. Ook de scilla zagen we nog niet in bloei staan.

Wel heb ik een paar leuke plaatjes van de paarden kunnen schieten, die Solleveld begrazen. Misschien moet ik me eens op de natuurgebieden in de nederlandstalige wiki gaan toeleggen.

maandag, oktober 23

Planten: Kruiskruid

Planten: Kruiskruid

Kruiskruid


De duinen - ik heb het er vaker over gehad. Je zou denken: half oktober is er niet zoveel meer te beleven als het om planten gaat. In dit weekje herfstvakantie valt dat echter reuze mee.

Of dat door het warme najaar komt? Ik heb geen idee.

De eerste struik die we nog in bloei tegenkomen, is een roos. De determinatie doe ik samen met mijn vrouw. We hebben in de duinen wel vaker geprobeerd rozen op naam te brengen, maar dat stuitte altijd op wat problemen. Dit keer komen we met een pas aangeschaft tweedehands exemplaar van de Flora van Heimans, Heinsius en Thijsse goed uit: Rimpelroos.

Eerst door de binnenduinen, later meer richting zeereep. Op het pad er naar toe valt mijn oog op de laatste gele bloemetjes van een onooglijk plantje. Na determinatie kom ik uit op het "kleverig kruiskruid". Nu weet ik dat we op de Nederlandstalige wiki al een aantal soorten kruiskruid hebben staan, dus de kans dat ik over deze soort een nieuw artikeltje kan schrijven lijkt me vrij klein.

Op de wegterug naar de Sahvorin lohmanlaan komen we nog een struik met paarse bloemtjes tegen. Eerst kan ik hem niet thuisbrengen, maar op de terugweg schiet me te binnen welke het is: Boksdoorn.

Bij thuiskomst blijkt tot mijn verrassing dat het Kleverig kruiskruid nog niet beschreven is. Sterker nog: ook het reeds genoemde commons heeft er nog geen foto van. Bovendien herinner ik me van de vakantie dat ik in Oostenrijk twee andere soorten kruiskruid gezien heb: Rivierkruiskruid en Senecio incanus.

Ook van het rivierkruiskruid heeft commons nog geen foto, en van Senecio incanus slechts een.

Planten als het Kleverig kruiskruid fotografeer ik niet omdat ze zo mooi zijn. Ze zijn eigenlijk gewoon onooglijk lelijk. Maar dat is niet zo belangrijk. Ze zijn er, ze maken deel uit van onze Nederlandse flora, en verdienen het alleen aldoor hun bestaan om goed gedocumenteerd te worden. Het is zoiets als met verzamelen: als de baccil van de volledigheid je eenmaal besmet heeft, wil je ze allemaal hebben.

Alle aanleiding dus om de Senecio afdeling eens duchtig uit te breiden.

donderdag, oktober 12

Eendagsbloem

Een paar jaar gelden wees mijn vrouw me op een nieuwe gast in onze tuin, onuit-genodigd maar zeker niet lelijk. Nee, de naam wist ze niet.

Tuinplanten is altijd lastig identificeren. Allereerst staan ze meestal niet in de Floras die Nederland rijk is, ze zijn immers niet inheems, en kunnen van over de hele wereld hier geimporteerd zijn. Als extra complicatie hebben kwekers er dan nog talloze rassen van gekweekt, die vaak voor niet specialisten al helemaal niet uit elkaar zijn te houden. Zo zijn er zo'n 1000 soorten wilde rhododendrons, maar kwekers hebben er zo'n 25.000 cultivars van gekweekt.

Ook dit bleek zo'n probleemgeval te zijn: De bloem had paarse bloemen met slechts 3 kroonbladen. Nu is 3 een ongewoon aantal. Verreweg de meeste bloemen hebben 4 of 5 kroonbladen, of heeeeeel veel, zoals de composietenfamilie. Mijn oude vertrouwde Tirionbloemengids had slechts enkele soorten met 3 kroonbladen, en geen enkele was paars.

Ik bladerde nog wat door een grote plantenencyclopedie, maar kwam ook daar niet snel achter de naam. En hoe gaat dat: je komt andere planten tegen, en vergeet deze.

Het jaar daarop verscheen de plant opnieuw: duidelijk geen eendagsgast maar een blijvertje. Vooral omdat ik er toch al eens tevergeefs naar gezocht had, lokte het me niet om nog een keer tevergeefs te zoeken.

Dit jaar verscheen de plant opnieuw. Deze nazomer zat het echter mee: in een nieuwe tuinencyclopedie, die ik vorig jaar van mijn broer voor mijn verjaardag kreeg, zag ik toevallig een plant staan die er wel sprekend op leek: Tradescantia virginia.

Nog wat gegoogle bevestigde wat ik al vermoedde: Tradescantia virginia was inderdaad de naam van de gast in onze tuin. Snel zoeken op wikipedia bracht me als snel tot wat ik al vreesde: Mijn goede vriend Rasbak was me voor geweest, er was al een artikeltje over de Eendagsbloem. Als ik zijn bijdragen regelmatig had gevolgd, had ik de naam veel eerder geweten. Nog wat spitten op de Nederlandstalige wikipedia leerde me dat de plant nu voor Nederland de status "in de wachtkamer" heeft. Dat wil zo ongeveer zeggen: Hij komt steeds vaker voor, maar we weten niet of hij zich echt hier zelfstandig voortplant. Enfin, geen wonder dat hij het in onze tuin goed doet.

Nu had Rasbak het bij het artikeltje over de soort gelaten, er was nog geen artikel over het geslacht. En een prima aanleiding om ook eens wat over de andere soorten te schrijven.



Zo vond ik op commons foto's van een aantal andere soorten tradescantia - wanneer u liefhebber van plantenfoto's bent is commons trouwesn een ideale plek om eens een paar uurtjes stuk te slaan.

Een van de leuke dinger daarbij was dat een andere vrijwilliger, Hans, me kwam helpen met Adam-en-Eva-in-een-bootje. Een hierop volgende discusie over het gebruik van Nederlandse namen of wetenschappelijke namen wint hij. Het is hem van harte gegund, al kijk ik wat bezorgd naar de toekomst, omdat het gemakkelijk aanleiding kan zijn tot eindelozen discussies zolang we geen criterium hebben om nederlandse namen te toetsen. Enfin, de rest schijnt het zo best te vinden, en wikipedia is een democratische gemeenschap dus leg ik me er bij neer.