zaterdag, september 2
Pelgrimspad 2: Scheulder - Maastricht
De bus brengt ons snel van Gulpen naar Termaar. Jammer genoeg hebben we daar net de bus naar Scheulder gemist. Volgens Google mps is het 2,5 km, een half uur lopen. Willen we een uur wachten? We besluiten die 2,5 km er maar bij te doen. Vandaag wordt 25 graden verwacht, we willen zo vroeg mogelijk in de benen zijn. En een uur bij een bushalte hangen is ook niet echt vakantie.
In Scheulder vervolgen we de route van eergisteren. Gisteren goot het van de regen, en de zandwegen staan nog vol plassen en modder. Ik kan me niet herinneren voor deze vakantie ooit van Scheulder te hebben gehoord, en dat zelfde geldt voor Ijzeren, Groot Welsden en Klein Welsden. Een moeder en dochter wandelen het pad in tegen gestelde richting en zijn vanmorgen bij de Schiepersberg begonnen. We lopen onder langs het hellingbos. We passeren de Julianagroeve, waar van 1938 tot 1954 mergel werd gewonnen. Eerder deze week sprak ik in de bus met Wikipedia vrijwiliger Romaine, en hij vertelde dat hij (vrijwel) alle Limburgse mergelgroeven op Wikipedia heeft beschreven.
De route voert ons langs rustige landwegen. Het landschap verdient geen landschappelijke hoofdprijs, maar is wel lekker rustig. Het stijgt en daalt licht, wat ons toch een Zuid-Limburgs gevoel geeft. Via Cadier en Keer lopen we verder naar Maastricht. We voelen nu die eerste extra kilometertjes wel. In Maastricht lopen we rechtdoor naar de Maasoever, waar we naar het noorden buigen. Bij de St. Servaesbrug steken we over. Op het Vrijthof bekijken we kort het plein, en genieten op een terrasje van een milkshake, koffie en vlaai.
Gedaan: Den Bosch - Maastricht: 250 kilometer.
Begonnen in 2017, voltooid in 2023
donderdag, augustus 31
Pelgrimspad 2: Gulpen - Scheulder
Vanaf camping Gronselerput volgen we de route langs de Geul. We passeren het plaatsje Engwegen en lopen door naar Schin op Geul. Het is er stil en verlaten. We passeren de kerk en slaan voor de spoorbaan linksaf. Daarna mogen de kuiten aan het werk, want het pad stijgt flink naar een oude kluizenaarskapel. Informatiebordjes over het bos vertellen ons dat er door traditioneel hakwerk orchideeen in dit bos groeien. vermoedelijk zijn we in het verkeerde jaargetijde. Andere informatiebordjes vertellen over 16 kluizenaars die hier woonden. Het wordt niet 100% duidelijk of die tegelijk of na elkaar hier woonden. De tekst suggereert het laatste. Van het kapelletje dalen we weer af naar de spoorbaan, en steken deze over. Bij Kasteel Schaloen gebruiken we een kopje koffie en thee.
Via Oud-Valkenburg lopen we naar het Gerendal, beroemd om zijn orchideeen. Ook hier zien we die niet. Wel vallen bij de esdoorns het grote aantal donkere vlekken op. Het is de esdoornvlekkenzwam. Beemdkroon, kruldistel, glad walstro, grasklokje en valse salie zijn planten in de kruidlaag. Een paar keer hebben we een licht buitje, maar in het algemeen blijft het droog.
In Scheulder hebben we een OV puzzel. Volgens 9292 moeten we 20 minuten lopen naar Margraten, en dan twee bussen nemen naar Gulpen. Of we rijden via Valkenburg, met een bus, een trein en nog een bus.
Het buurtbusje komt, we houden hem aan en de chauffeur vertelt ons dat de gemakkelijkste route is om mee te rijden naar halte Termaar, waar ieder kwartier bus 350 naar Gulpen rijdt. Dat doen we en we komen er sneller dan met de routes die 9292 voor ons uitdokterde.
In Gulpen stappen we uit bij het busstation. Vandaar pakken we zonder veel gezoek de route weer op naar de camping. Na Kasteel Wijlre is het pad door de weilanden helaas geblokkeerd. We kunnen via Stokhem lopen, of via Wijlre. We kiezen voor dit laatste. Het is 1,5 km extra, maar wel een mooi stukje. Jammer dat Jos op een bankje gestoken wordt door een hoornaar. Ze zuigt de steek leeg.
Vandaag gedaan: Gulpen - Scheulder, 13,5 km
Totaal gedaan: Den Bosch - Scheulder, 234 km
Nog te gaan: 249 - 234 = 15 km.
dinsdag, augustus 29
Pelgrimspad 2: Voerendaal - Gulpen
We hadden in Gulpen willen parkeren, maar wanneer we zien dat we de bus in Gulpen naar Voerendaal niet gaan halen, rijden we naar Voerendaal. Daar is het gratis parkeren.
We wandelen langs de spoorlijn naar het westen. Bij het eerste tunneltje onder de spoorbaan pakken we de route weer op. De route voert ons langs een mooide oude kerk in het centrum langs kasteel Cortenbach. A.s. zondag zijn de schuttersfeesten, maar vandaag kunnen we nog de gewone route volgen.
Vandaag gaat het door de velden naar de A79, waar we door een tunneltje onder door gaan. Links van ons ligt de Kunderberg, waar meer dan 80 plantensoorten zouden groeien. We zien er niet veel van, maar misschien dat we bij gelegenheid het pad over de berg een keer kunnen volgen. Jos ziet een wijngaardslak in de berm.
Vanaf de berg lopen we door naar Ubachsberg. Het pad is grote delen 'vals plat', we stijgen heel langzaam. Na Ubachsberg lopen we door Mingersberg en Eyserheide. We zien onderweg wel wat kruiden: Reuzenbalsemien, grote Kattenstaart, hop, agrimonie, ruig klokje, en veel wilde marjolein.
We passeren een maisakker waar een deel van de planten aan maisbrand, ustilago maydis, leidt. Het ziet er uit als een forse schadepost voor de boer.
We wandelen verder door de Eyser Bosschen. De zachte duizendknoop, persicaria mitis, valt op.
Moe maar voldaan arriveren we in Gulpen.
Vandaag gedaan: Voerendaal - Gulpen: 14 km
Totaal gedaan: DEn Bosch - Gulpen: 221 km.
woensdag, april 27
Pelgrimspad 2: Spaubeek - Voerendaal
Vanaf het station van Spaubeek steken we de snelweg over en volgen een smal pad, later smalle weg langs de snelweg en dan door de landerijen. De route gaat verder door een 'holle weg', een weg die door de regen is uitgesleten en tussen twee hogere zijkanten door loopt. Gevlekte aronskelk, speenkruid, kleine maagdenpalm en bosanemoontjes sieren de kruidlaag aan weerszijden van de weg.
Er volgt een stuk tussen de akkerlanden. Hier slaat het Pieterpad, waar we de vorige keer mee samenliepen, rechtsaf. Wij wandelen rechtdoor, langs de gehuchten Grijzegrubben, Tervoorst en Hunnecum. Alle drie kleine plaatsjes tussen het glooiende landschap. De lage, glooiende heuvels zorgen voor een totaal ander landschap dan de veen en klei van de polders in het westen. Op een aantal kruisingen staan kleine kapelletjes of kruisbeelden. Na Wijnandsrade gaat het verder tussen de akkers door. In Retersbeek trakteren we onszelf op een ijsje bij de 'IJshut'. Een rijtjeshuis heeft de garage omgebouwd tot kleine ijssalon. Prima ijs. Even verderop staat een vrijmarkt stalletje voor een huis. Voor 1 euro tik ik een spel op de kop.
Vandaag komen we veel fietsers tegen. De wegen zijn ook prima om te fietsen: iets glooiend maar nergens echt steil. En ondanks de naam is ook het Puttersvoetpad een echt fietspad.
Dit was de laatste wandeling van deze vakantie. Morgen terug naar Den Haag.
Gedaan: Den Bosch - Voerendaal, 206 km
Te gaan:
263 - 206 = 57 km tot Visé
250 - 206 = 44 km tot Maastricht
maandag, april 25
Pelgrimspad 2: Sittard - Spaubeek
Volgens de weersverwachting mogen we vanaf 1 uur vanmiddag wat lichte miezer verwachten. Ook in de ochtend is al kans op een paar spetters. Wanneer we in Sittard uit de trein stappen, kunnen we van een zwak zonnetje genieten. Het centrum van Sittard, waar we door lopen, kent mooie oude gebouwen en kerken. Ook het marktplein ziet er goed uit met mooie klassieke gebouwen. Wacht, welk lid van de welstandscommissie heeft zich laten omkopen en V&D toestemming gegeven voor die lelijke betonnen blokkendoos? Of misschien niet omgekocht, misschien gewoon onder de tafel gedronken? De gebouwen in Sittard zijn leuk, maar de winkeltjes zijn toch wel vaak de grote landelijke ketens.
Buiten Sittard lopen we langs een weg met 7 statiën tot boven op de Kollenberg. Nog niet hoog, en voor Limburg nauwelijks de naam berg waardig. Boven wandelen we tussen de akkers door. De akkers worden op een zorgvuldige manier beheerd, zodat de korenwolf zijn gang kan blijven gaan. Ondanks de naam is dit geen wolf, maar een soort marmot. Op een kruising groeit de echte sleutelbloem. We dalen stijl af naar een sportcentrum in wat er uit ziet als een oud kloostercomplex. In de berm groeit aronskelk en grote muur. Het is hier een echt hellingbos. De Zuid-Limburgse hellingbossen werden niet gerooid voor akkergronden omdat de hellingen te steil waren. Wel nam een groepje dorpsbewoners in de herfst de bijl op en hakte een deel van een helling kaal. Het hout was voor de open haard in de winter. Het open gevallen stuk bos was licht genoeg om de kruid vegetatie nieuwe ruimte te bieden. Doordat oude stammen met de wortels in de grond bleven zitten, was de erosie beperkt.
Bij Windraak steken we de provinciale weg over. Hier zijn een aantal kleinere, maar wel steile hellingen. Wanneer we tussen de akkers doorlopen wordt het zelfs echt warm. Lekker zon! Via Puth komen we bij het Stammenderbos. Op de een of andere manier valt dit bos, dat er op de kaart fantastisch uitziet, wat tegen. Misschien is het bos interessanter als we van de route waren afgeweken.
Voor we het weten zijn we bij het station van Spaubeek. We stappen in de auto en het begint te spetten. Even later giet het. We hebben weer eens mazzel gehad met het weer. Of meer bijbels geformuleerd: we zijn weer gezegend.
Gedaan: Den Bosch - Spaubeek, 193 km
Te gaan: 263 - 193 = 70 km
vrijdag, april 22
Pelgrimspad 2: Born - Sittard
In Born pakken we het pad weer op. De verwachtingen zijn niet hoog gespannen. Er wordt veel bewolking verwacht, en de 7 kilometer naar station Sittard kent aardig wat verstedelijkt gebied.
Born voldoet aan onze verwachtingen. Een paar mooie oude gebouwen. Door een normale nieuwbouwijk en de A2 oversteken. We wandelen lang braak liggende akkers en een akker waar milieuvriendelijke gerst voor het Gulpener nat wordt verbouwd. Door de bouten links en rechts van het woord "milieuvriendelijk" lijkt het alsof dat woord tussen aanhalingstekens staat.
Daarna het Limbrichterbos in. Ik had een landgoed / annex park verwacht, maar het lijkt meer op een echt bos. Ik zie meer plantensoorten dan in de twee voorgaande dagen samen. Bosanemoontjes, het kleine muskuskruid, grote muur, kruipend zenegroen, bosveldkers, klimopereprijs en bleeksporig bosviooltje. De vakantie is weer goed.
Kasteel Limbricht blijkt een vierkant kasteel uit 16xx te zijn. Het staat duidelijk zichtbaar op een motte, een kunstmatig opgeworpen heuvel. Het kerkje ernaast, de oude Salviuskerk, dateert deels uit de 11e eeuw.
De slot etappe brengt ons door Sittard naar het station. Met de bus terug naar Born. Tijd om boodschappen voor het weekend te halen. Morgen en zondag plannen we 2 rustdagen in. Na Sittard wacht ons een ander, meer golvend landschap.
Gedaan: 174 + 7 = 181 km.
Te gaan: 263 - 181 = 82 km.
donderdag, april 21
Pelgrimspad 2: Roosteren - Born
De buschauffeur weet precies welke halte we in Roosteren moeten hebben voor het pelgrimspad. Na een 200 meter langs de provinciale weg voert het pad ons over een dijk langs de Maas. Het is heerlijk wandelweer: droog, zonnig, maar met een frisse bries waardoor het niet warm aanvoelt.
Daarmee houdt het geluk vandaag wel een beetje op. Het pad naar Visserweert, dat in ons boekje staat aangegeven, is er niet meer. Ons boekje raakt verouderd. We lopen over een geasfalteerd fietspad. Dat loopt lekker gemakkelijk weg, het is niet druk, en we hebben een mooi uitzicht over de Maas in de verte, maar het is niet avontuurlijk. Af en toe groeit in de berm wat look-zonder-look, maar de oranjetipjes, de vlinders die hierop leven, zijn nog afwezig. Bij Illikshoven genieten we van de lunch.
Na de lunch gaan we verder over het fietspad. Links van ons wordt grint afgegraven, en niet op kleine schaal. De weg door de polder, die tegenover de witte boerderij moet beginnen, is afgesloten. De hele witte boerderij is er niet meer, vermoedelijk als grint gebruikt. Voor de wandelaars is een omleiding. U raadt het al: over het fietspad. We zijn eigenwijs en volgen een stukje dijk naast het fietspad. We zien meer en en het is rustiger. Qua flora is er nog niet veel te beleven.
Langs het Julianakanaal en over de sluizen geraken we in Born, het doel voor vandaag. Op de terugweg trakteren we onszelf op een stuk Limburgse vlaai.
Gedaan: 163 + 11 = 174 km.
Nog te gaan: 263 - 174 = 89 km.
woensdag, april 20
Pelgrimspad 2: Thorn - Roosteren
Voor een korte vakantie zijn we naar Midden Limburg getrokken. Tijd voor een stukje Pelgrimspad 2. We waren in Thorn geeidigd.
In Roosteren parkeren we op de parallelweg tegenover de bushalte. Met een minibus rijden we naar het station in Susteren, met de Arriva boemel naar Roermond, en dan met een echte bus naar Thorn, het witte stadje waar we de vorige keer met Pelgrimspad 2 geeindigd zijn. Bij het pannenkoekhuis beginnen we met een kop thee. Prima tentje, met mooi uitzicht op de Abdijkerk. Speciaal theezakje uit Sri Lanka, fair trade. Het is leuk om daarna door Thorn te wandelen.
Buiten Thorn passeren we al snel de Belgische grens. We wandelen over een rustige asfaltweg. In de berm bloeit nog niet veel opvallends. We bewonderen de Sint Martinuskerk in Kessenich. Mooi gebouw met oude delen uit de 14e eeuw. Bij de motte van Kessenich eten we onze lunch. Nu is het toch echt zaak kilometers te gaan maken, want we hebben er pas 2 van de 13 op zitten. De kaart in het boekje geeft een 'toekomstige route', veel meer natuur en meer langs de Maas, maar die is nog niet gerealiseerd. We lopen dan ook tussen de landerijen door naar Geistingen. Voorbij het Witte Paard drinken we nog een kop thee. We passeren verschillende kapelletjes - we zijn duidelijk in een Rooms-Katholieke streek.
Langs de Maas wordt de flora eindelijk wat interessanter: Akkerhoornbloem, Look zonder Look, brem, gewone vogelmelk en gewone veldsla. Af en toe zien we zandoogjes en citroengeeltjes rondfladderen.
Via Aldeneik lopen we langs de Maas naar Maaseik. Daar steken we over een drukke verkeersbrug de Maas over, terug naar Nederland. Het was leuk even in het buitenland te zijn. 'De Rug' zou een mooi natuurgebied moeten zijn, maar met brandnetels, paardenboemen en madeliefjes is de eerste floristische indruk niet heel bijzonder. In Roosteren zijn we snel weer bij de auto. We voelen onze benen.
Gedaan: 150 + 13 = 163 km.
Te gaan: 263 - 163 = 100 km.
vrijdag, juli 9
Pelgrimspad 2: Maarheze - Weert
Vrijdag 9 juli 2021
We parkeren bij de ijzeren man in Weert, die we ons nog herinneren van de vakantie in 2017 waarin we aan het Pelgrimspad begonnen. Met de bus naar het station, en dan met de trein naar Maarheeze. Daar is het ruim twee kilometer lopen naar de route. We kennen het stukje nog van gisteren. We volgen een smal pad dat overgaat in een zandweg. Het is een prettige route om te wandelen, en net als gisteren is de bewegwijzering ruim voldoende. Bos, hooivelden en heide wisselen elkaar af. We passeren een grenskerk, waar van 1648 tot 1712 de Rooms Katholieke bevolking in het Katholieke Limburg naar de kerk ging, omdat dit in Brabant verboden was.
Het traject bevat nogal wat rechte stukken. Dat wandelt lekker door, en bespaart tijd bij het spoorzoeken. Een minpuntje van dit traject is het geringe aantal bankjes. We eten onze meegebrachte bammetjes zittend op een boomstronk.
Bij de spoorwegovergang bloeit een wolfsmelk. De Obsidentify app komt op amandelwolfsmelk. Zelf denk ik aan vroege wolfsmelk.
Wanneer we bijna bij het eind zijn, nemen we een kopje thee bij een restaurant. De laatste anderhalve kilometer is langs bedrijfsterrein en kanaal. Ons doel voor deze vakantie zit er op. Omdat we in 2017 al het stuk van Weert naar Thorn hadden gelopen, zit nu het hele stuk van Den Bosch naar Thorn er op. 150 van de 240 km.
Misschien dat we volgende week nog een stukje van het Grenslandpad wandelen.
Pelgrimspad 2: Huize Witven - Maarheze
Donderdag 8 juli 2021
We parkeren de auto op de Hommelberg in Maarheze. Vandaar met de trein naar Heeze en met de bus naar huize Witven. Daar pakken we de draad van dinsdag weer op. We laten de Strabrechtse heide achter ons en wandelen een bos in. En tot mijn aangename verrassing: geen zandweg door het bos dit keer, maar een smal bospad. De bewegwijzering is prima. Dat is ook wel nodig, want het pad is sinds het drukken van het boekje verplaatst. Het voelt alsof het iets langer is.
Bij het Keelven mogen we een keer bij het water komen. Uitzonderlijk, want de meeste oevers van vennen zijn afgesloten voor bezoekers: kwetsbaar gebied. Dit keer is het speuren raak: niet alleen het moerashertshooi, maar ook de kleine zonnedauw. We eten onze lunch op een bankje terwijl 50 meter verder de schotse hooglanders grazen. Het zou de hele dag droog blijven, en het is warm.
De Sommelsdijk is lang en recht. Het heideveld in de Pan is omheind en er graast een kudde schapen. Het ziet er ook echt uit als heide. We hebben hier weer boswegen, en die zijn nogal ongelijk. Er is een soort van rupsbaan ontstaan, met soms meer dan een halve meter hoogteverschil. We spotten verschillende vlinders: phagea vlinder, citroengeeltje, atalanta en dagpauwoog. Boven onze hoofden vliegen vijf of zes groene helicopters over.
We voelen ons moe, hoewel we gisteren een rustdag hebben ingelast, en we zijn blij wanneer we de kaart kunnen afvinken. Het stuk dat in het boekje "Brabantse Kempen" genoemd wordt, is klaar. Nu is er nog een gat van 15 km naar Weert, waar we een aantal jaren geleden 30 km gewandeld hebben.
dinsdag, juli 6
Pelgrimspad 2: Heeze - Witven
Dinsdag 6 juli 2021
We parkeren op de Beuvenlaan. Het streekbusje rijdt eens in de anderhalf uur, dus we hebben een heel ruime marge aangehouden om het busje te halen. Dat betekent even wachten. Binnen een kwartier nadat we instappen, stappen we bij station Heeze uit.
Hier pakken we de route van gisteren weer op. Een van de voordelen van het lopen van telkens het volgende traject is dat we nog weten hoe de situatie gisteren lag. Op de plaats waar we volgens het boekje een kapel passeren, staat een complete protestantse kerk. We lopen het bos in, langs kasteel Heeze. In de middeleeuwen was al sprake van een heerlijkheid Heeze. Het kasteel is nu in het bezit van een stichting.
Hierachter wandelen we door de Herbertusbossen (niet de Hubertusbossen). Vandaar lopen we de Strabrechtse Heide op. We volgen even de bosrand, en daarna een zandweg met asfalt fietspad dwars over het heideveld dat we een groot deel van de kaart blijven volgen. Regelmatig komen we fietsers tegen. Van de herder met 350 Kempische heideschapen zien we geen spoor. Jos had vanuit de auto een kudde paarden gezien. En in de verte zien we koeien. Of grazen daar toch schapen? Door de afstand is het niet te zien. In elk geval mogen ze allemaal flink aan de bak, want hoewel er best heide groeit, zien we ook heel veel gras. Midden op het heideveld is een afgezet perceel waar boekweit geteeld wordt. Wat nazoeken leert dat heide niet leeft van volkomen uitgemergelde grond, en verspreide akkers hielpen vroeger om de grond te verrijken.
We spotten verschillende vogelaars, er zwerven 3 slangenarenden in de omgeving. Ze wijzen er eentje aan die heeeeeeeeeel ver weg in een boomtop zit te zitten. Als ze me verteld hadden dat het een raaf is, had ik ze ook geloofd.
Het Waschven en het Beuven zijn niet toegankelijk - er zijn tonnen slib afgevoerd, en er kunnen zeldzame planten groeien. Een naamloos ven kan wel benaderd worden. Er groeit moerashertshooi, een klein plantje met kleine gele bloemetjes.We stoppen bij de provinciale weg. Er staan 97 km vanuit Den Bosch op de teller. Morgen een rustdag, en dan donderdag kijken of we verder kunnen wandelen naar Maarheze.
maandag, juli 5
Pelgrimspad 2: Valkenswaard - Heeze
Maandag 5 juli 2021
We parkeren in Heeze gratis bij het station. Binnen 3 minuten blijkt de sprinter naar Eindhoven aan te komen. Daar hebben we opnieuw mazzel: de bus naar Valkenswaard vertrekt binnen 5 minuten.
In Valkenswaard volgen we het fietspad langs de drukke Eindhovenseweg. Tegenover restaurant Treeswijkhoeve slaan we het bos in. De naam van het restaurant staat met grote letters op de gevel; onze kleindochter van 6 zou zich niet vergissen. In het bos laten we het verkeerslawaai snel achter ons. We lopen over zandwegen. Het zand is door de regens van de afgelopen avond en nacht lekker hard. Dat loopt een stuk lekkerder dan rul zand. Iets waar we de hele week al ons voordeel mee doen. Er is een smalle geasfalteerde fietsstrook naast de weg, maar wanneer we daarvan gebruik willen maken komen er verschillende fietsers langs. Dit stuk Brabant is fietsland. Op onze camping is één ander echtpaar dat wandelt; alle anderen fietsen. Het bos biedt qua soorten geen verrassingen. We wandelen gewoon lekker door. Links passeren we een stuk heide dat vooral vergrast is.
Aan het eind van het bos steken we het beekje Tongelreep over. Door de hekjes kan ik niet zien welke leuke plantensoorten er groeien. We lopen door een gehuchtje Achtereind. Het valt me op dat veel van deze Brabantse dorpjes geen kerk of kapelletje hebben. Ook kruisbeelden zien we zelden. Jos vermoedt dat dat meer Limburgs is. Het miezert regelmatig, en dan is het telkens de regencape aan om een halve kilometer verder weer uit te doen.Op een bankje eten op een kruispunt we onze lunch op. Net wanneer ik zeg dat ik van de rust en stilte geniet, komt er van links een auto en van rechts een wandelend echtpaar. De auto passeert. De man van het echtpaar draagt een wandelboekje in zijn hand. Ik vraag welke route ze wandelen, en tot mijn verassing lopen ze ook het pelgrimspad. Tot mijn verrassing, want de zijweg waar ze vandaan komen hoort niet bij het pelgrimspad. Ze vertellen dat ze verkeerd gelopen zijn. Uit hun woorden begrijp ik dat ze naar Steensel willen, en bij de Treeswijkhoeve de verkeerde kant uit zijn gelopen. Hoe ze dat hebben klaargespeeld, is 'beyond me'.
Bij het meeuwven zien we geen meeuwen. Geen enkele watervogel. Hoera, er is een plek waar we tot aan het water mogen lopen. We speuren naar zonnedauw, maar helaas. Wel pitrus, gewone waternavel en greppelrus.De hut van Mie Pils is op maandag gesloten. We steken de A2 over. Hierna lopen we grotendeels op de rand van bos en grasland. De plantenrijkdom is beperkt, allemaal heel algemene soorten. De zandweg heeft hier wel een probleem: grote waterplassen door de regen van vannacht over de volle breedte van het pad. We hebben al onze aandacht en vindingrijkheid nodig om droge voeten te houden.
Ook het bos hierna blinkt uit in 'soorten van 15 in een dozijn'.
In Heeze lopen we grotendeels door parkjes naar het station. De wegmarkering ontbreekt hier, we zien alleen de geel-rode stickers van het Brabants vennepad. Bij het station zijn we tevreden: we hebben er 12 kilometer opzitten. We zijn 84 km van Den Bosch verwijderd. We rijden terug naar de camping, waar eindelijk de zon doorbreekt.
zaterdag, juli 3
Pelgrimspad 2: Steensel - Valkenswaard
Vrijdag 2 juli 2021
We parkeren op de Europalaan, nou ja, een korte parallelweg ervan. En we hebben mazzel: de buschauffeur heeft een klant die zijn kaart moet opladen, en daardoor halen we rennend net de bus. In Eindhoven stappen we over. Een kwartierke wachten, daar doen we 'bie os' nie moeilijk over. Het is grijs bewolkt wanneer we in Steensel uitstappen. De weersverwachting is: droog tot 5 uur, en dan hoosbuien. We hopen voor die tijd bij de caravan terug te zijn.
We lopen even langs een vrij drukke asfaltweg, maar nemen al snel een zijweg. De naam zandstraat doet zijn naam na een tijdje eer aan. We lopen een rustig bos in. Ik zie vooral zomereik, Amerikaanse eik, lijsterbes, grove den en Amerikaanse vogelkers. De rust is heerlijk. Geluiden van vogels en de wind die de bladeren laat ruisen. Een stukje verderop lopen we tussen de weilanden. In de berm bloeien onder andere valse salie, grote wederik en wilde bertram. Die laatste komt in vrijwel heel Nederland algemeen voor, maar ik zie hem niet heel vaak.
We stappen opnieuw een bos binnen. Opnieuw daalt de rust op ons neer. Dit voelt als pelgrimeren. Dit voelt als vakantie. Tegen het eind van het bos stuitten we op een nieuwe asfaltweg, die dwars door het bos is aangelegd. Er raast nog geen verkeer over, maar wanneer dat straks het geval is, zal het bos een stuk minder rustig zijn. Weer een stukje Nederland waar 'stilte' een onbekend begrip is geworden.
Over een fonkelnieuw voetgangersviaduct steken we de nieuwe weg over. Daarna komen we wel stickers van de route tegen, maar waar we op de kaart zijn? Geen idee. Gelukkig heb ik gisteravond de route op mijn mobiel gedownload. We volgen moeiteloos de route.
Pas na een tijdje realiseren we ons dat de route een stuk verlegd is. Tsja, het boekje is inmiddels ook een aantal jaren oud. Hierna wandelen we een tijd tussen weilanden en kleine stukken bos. In de berm zien we prachtklokje, haagliguster, zandblauwtje, opnieuw grote wederik en mottenkruid. Bij de kruising waar we rechtsaf moeten, zien we dat dit een snelfietspad is. Zodra we kans zien, steken we over naar een voetpad dat evenwijdig met het fietspad loopt. In de berm bewonderen we nog wilde marjolein en driekleurig viooltje.Bij het kruispunt waar we de auto geparkeerd hebben, zijn we tevreden. Vanaf Den Bosch zitten er nu 72 aaneengesloten kilometers op. Nog 240 -72 - 30 = 140 kilometer te gaan.
donderdag, juli 1
Pelgrimspad 2: Vessem - Steensel.
Donderdag 1 juli 2021
Het zijn heerlijk rustige boswegen en we komen tot rust. We genieten van kievitten en laagvliegende zwaluwen. Bordjes wijzen naar grafheuvels links en rechts. We gaan niet op onderzoek.
In Knegsel drinken we een kopje thee met gebak bij restaurant "De Kempen". Leuke tent, ze proberen echt om iedere consumptie iets eigens mee te geven. Mijn gemberthee komt met honing, de gewone thee waar Jos voor gaat met noga in plaats van een biscuitje. Na Knegsel stappen we weer het bos in. We zien in de berm akkerklokje. De bewegwijzering is voldoende, maar ook niet veel meer dan dat. Via een brug steken we de A67 over. Hier vinden we bossalie, steenanjer en grote centaurie.
We passeren een kapelletje met gebrandschilderde ramen uit Den Haag.
Zonder probleem vinden we de auto terug. Vandaag hebben we er 10 km bijgevoegd, er zitten nu 60 van de 240 km op.
Pelgrimspad 2: Landschotse heide - Vessem
Woensdag 30 juni
Het stuk van Middelbeers naar Landschotse heide hebben we al eerder gelopen, voor vandaag staat 5 km van Landschotse heide naar Vessem op het menu. Het is regenachtig, maar we besluiten toch te gaan. Voor de rest van de vakantie bestaat de verwachting uit regen, miezer, buien en af en toe een droge periode. We kunnen er ons beter op instellen, anders zitten we de hele vakantie in de caravan chagrijnig te zijn. Dus vooruit!
In Vessem parkeren we in de buurt van de kerk. Een gewoon straatje, waar voldoende parkeerruimte is. De markering van het pelgrimspad was vanuit de auto al zichtbaar. Het miezert dus we doen de regencapes om. Op het eerste stuk ontmoeten we al een wandelaar die we gisteren ook tegenkwamen. Hij herkent ons ook en we maken even een praatje. Hij heeft 3 weken vakantie, en geen vastgesteld doel - gewoon kijken hoever hij komt. We lopen vooral over asfalt, en afwisselend langs akkers met vooral aardappel, door bos en langs hooilanden. Gelukkig is het niet alleen asfalt, er staan ook flinke stukken bospad en zandweg op het programma. De regen geeft er wel een somber sfeertje aan. In de bermen groeit vingerhoedskruid, lupine, grote teunisbloem, sint-janskruid, rolklaver en puntige wederik. Die laatste is net iets anders dan de grote wederik die we gisteren zagen. Bij de Landschotse heide is het diep graven in het geheugen om ons de plek te herinneren. Toch komt er wel weer wat boven. Zelfde route terug. De heide is veelal vergrast. De grote grazers die hier zouden zijn, hebben nog wat te doen.Er zit nu 50 aaneengesloten kilometers op. Hiernaast hebben we ook 30 kilometer in de Limburgse Kempen afgelegd.
woensdag, juni 30
Pelgrimspad 2: Spoordonk - Middelbeers.
Dinsdag 29 juni 2021
Wanneer we 's ochtends wakker worden lijkt het een camping dag te worden. Maar volgens de weerberichten zou het om een uur of 10 droog worden. Daar vertrouwen we dan maar op.
En wanneer we in Middelbeers parkeren, is het bewolkt maar droog. Jammer genoeg rijdt de bus voor onze neus weg. Het duurt een uur voor de volgende bus komt, en die doet er dan ook nog eens twee uur over. Daar gaan we niet op wachten. We klimmen in de benenwagen. Tegen de richting in, wat meestal betekent dat de bewegwijzering niet optimaal is. Dat valt in het begin nog mee, maar tijdens de wandeling komen we wel voor een paar vraagtekens te staan.
De route is rustig, en ook de asfaltweg waar we al snel op terecht komen is rustig. In de berm groeit onder de eikebomen hengel, een halfparasiet. Vrij algemeen, maar wel leuk want het is al een tijdje geleden dat we die gezien hebben. Andere planten zijn wilgeroosje, vogelwikke, brede lathyrus en gewone hennepnetel. We steken de Groote Beerze over. Is Middelsbeers naar de Beerze genoemd? Ik verwacht het wel, maar wikipedia zegt er niets over.
Landgoed Baest is een prachtig landgoed met een diverse flora. We zien niet alleen avondkoekoeksbloem, maar ook wit vetkruid, tripmadam, grote wederik, echte valriaan, grote egelskop en watertorkruid. Die laatste kende ik nog niet. Het omleidingskanaal van de Beerze staat er vol mee.
We steken het Wilhelminakanaal over en lopen door het Groene Woud. Hier staan statiën. In de Rooms Katholieke traditie bevat een kruisweg 14 statiën, halteplaatsen, (in het latijn: statio), waar gebeurtenissen uit de kruisweg van Christus worden herdacht. Als protestant ben ik niet verliefd op de afbeeldingen en de buitenbijbelse gebeurtenissen die worden aangeduid, maar aan de andere kant is het niet verkeerd om stil te staan bij de lijdensweg van Jezus.
De Heilige Eikkapel klonk ons in de oren als een kapel opgericht ter ere van een heilige eik. Dat zou in flagrante tegenspraak zijn van het christelijke principe dat geschapen dingen niet vereerd worden, maar alleen God. Het blijkt toch iets anders in elkaar te zitten. Houthakkers vonden bij het kappen van een boom een mariabeeldje, en deze kapel is gebouwd ter nagedachtenis van deze gebeurtenis. Bij het oversteken van de A58 komen we voor het eerst de jakobsschelp tegen, die het pelgrimspad naar Santiago de Compostella markeert..
We gaan over de A58, en komen bij Spoordonk. Daar moeten we 20 minuten wachten op de bus, in Oirschot overstappen met nog eens 30 minuten wachten, en dan zijn we in 10 minuten bij de auto terug.
We hebben er 7 kilometer opzitten. Omdat we vanaf Middelbeernis ooit al een stukje verder gelopen hebben, hebben we er nu vanaf Den Bosch een aangesloten stuk van 45 km opzitten.
donderdag, april 29
Pelgrimspad 2 : Viermannekesbrug - Spoordonk
Donderdag 28 april.
Vannacht en morgen verwacht men regen, dus we willen vanmiddag de voortent van de caravan droog inpakken. Daardoor blijft er vanmorgen weinig tijd voor een lange wandeling.
We parkeren in Spoordonk op een parkeerplaats vlak bij het wandelpad. Het is zonnig, en we wandelen heerlijk langs de Beerze. Die is hier van een aantal lage stenen dammetjes met kleine stromversnellingen voorzien, in de hoop dat vissoorten toch hogerop kunnen komen om te paaien. Klein probleempje is misschien dat een paar van deze dammetjes geen uitsparing voor een stroomversnelling hebben.
De Beerze kronkelt (meandert) hier naast de oude, gekanaliseerde stroom. Het fluitenkruid begint lekker uit te lopen. In de berm zien we gewone duivekervel, vogelmuur, opnieuw vogelkers, en gewone veldsla.
Voor we het weten is de wandeling voorbij en zijn we via de andere oever terug bij de auto in Spoordonk.
Terug naar de camping, voortent inpakken en terug naar Den Haag.
dinsdag, april 27
Pelgrimspad 2: Kampina - Viermannekensbrug
Dinsdag 27 april 2021
Het is Koningsdag, dus het zal wel druk zijn. We proberen vroeg op pad te gaan, maar toch is het half tien voor we in de benenwagen zitten. We nemen inmiddels vertrouwde landwegen naar het begin van ons traject. Het is nog betrekkelijk rustig, maar toch komen we op een vrij kort stuk drie wandelaars en vier fietsers tegen.
Verderop komen we in het dal van de Beerze. De loop van dit beekje is fors onder handen genomen. Gedeeltelijk meandert het nu door een drassig veld, maar verderop is het nog bijna helemaal gekanaliseerd. Het is druk met wandelaars. Toch vinden we een plekje om een boterham te eten. We wandelen dezelfde route terug. In een van de natte gebieden zien we nu roze bloemen. Waterviolier, een mooie vondst. Op verschillende plaatsen staat de Amerikaanse vogelkers prachtig wit in bloei.
Het laatste stukje naar de camping loopt over een asfaltweg. De drukte valt hier echt op. De fietsers staan nog net niet achter elkaar in de file.
Het pelgrimspad deel 2 begint bij Den Bosch. Vanaf Den Bosch hebben we nu 29 kilometer gelopen.
zondag, april 25
Pelgrimspad 2: Vught
Donderdag 22 april 2021.
We parkeren bij Fort Isabella, waar we op 10 maart geeindigd zijn. Naast ons staat een autootje met een wat ouder echtpaar dat vandaag hetzelfde traject van het pelgrimspad wil wandelen.
Bij het voormalige fort steken we een parkje in. Al snel komen we langs een brede vaart, waar het heerlijk rustig wandelen is. In het gras groeien volop pinksterbloemen. Mooi lichtroze van kleur. Het is frisjes, de lucht is grotendeels lichtgrijs bewolkt. Door stevig door te stappen houden we onszelf warm. Het andere echtpaar loopt een eind voor ons uit. We gaan linksaf het bos of park in.
We wandelen langs drie lunetten. Lunetten zijn kleine maanvormige vestingen die onderdeel zijn van een grotere linie. Ze dateren uit de 19e eeuw. De lunetten zijn nu begroeide eilandjes waar vogels heerlijk kunnen broeden, ongestoord door uitgelaten honden.
Er breekt af en toe een zacht zonnetje door. We komen het echtpaar dat op de parkeerplaats naast ons stond, weer tegen en maken een praatje. Ze hebben bijna alle Lange Afstands Wandelpaden in Nederland gelopen. Na de lunch lopen we langs kamp Vught. In WO2 was dit een concentratiekamp naar Duits model. Geen doorgangskamp, zoals de twee andere kampen, maar een waar echt geproduceerd werd.
We eindigen op het punt waar we op 6 pril 2018 een wandeling begonnen zijn, al oogt het niet bekend. Via een iets kortere route wandelen we naar de parkeerplaats terug.
dinsdag, april 20
Pelgrimspad 2: 't Eind - Kampina
Maandag 19-4-2021 Pelgrimspad: Kampina
Vandaag zijn we aangekomen op camping de Rozephoeve. Klein en rustig, zoals we het graag hebben.
Vlak bij de camping begint het Brabants vennenpad. Hoewel het al over vijven is, willen we toch een stukje wandelen. Langs een bos lopen we naar de 'Kampina', een heideveld / grasvlakte waar een aantal loslopende paarden en runderen proberen het gras in toom te houden. De paarden zien we in de verte grazen, van de runderen zien we alleen de sporen. Het is een prachtig gebied: de route slingert zich tussen vennen en poelen door. Ik zie minstens 3 soorten katjes aan de bomen.
Het avondzonnetje breekt door en we komen bij een bosrand. Deze bosrand volgen we tot we via een zandweg terug kunnen keren naar onze aanlooproute.
Fotoos zitten er nog niet bij, ik hoop deze later toe te voegen.
Dinsdag 20-4-2021 Pelgrimspad: 't Eind - Kampina
Vanaf de camping lopen we over asfaltwegen tussen bos en campings. De bedoeling is om via een korte weg naar 't Eind te lopen, en dan via de route naar het Kampina gebied te wandelen/ We passeren camping de Parel, een Nivon huis en camping de Reebok. Soms valt onze route een stukje samen met het Brabants vennenpad, een streekpad van ruim 230 km. Het asfalt is druk met auto's en fietsers, maar toch goed beloopbaar. Wanneer we een brede zandweg inslaan, blijven de vele fietsers. Zo rustig als het gisteravond was, zo druk is het nu. In de berm bloeit gevlekte gele dovenetel, winterpostelein, paarse dovenetel en witte dovenetel. We steken een spoorbaan over, en komen op een fietspad dat al even druk is als de zandweg daarnet. Langs de kant staat het Amerikaans krenteboompje uitbundig in bloei. Citroengeeltje en kleine vos vliegen vrolijk rond. Twee oranjetipjes, een oranje en een witte, dartelen om elkaar heen. Waar de eitjes heen moeten weet ik niet, want ik zie nergens look-zonder-look.
Links van ons passeren we kasteel Nemerlaer. Geen verdedigingswerk, alleen een familiekasteel. Het wordt nu beheerd door een stichting.Daarna komen we bij een drukke weg. Aan de andere kant ligt 't Eind, een klein gehucht. We keren terug langs het kasteel. We passeren kleine beekjes met zwanen, Op de zandweg is het nog steeds druk met fietsers. Gelukkig kunnen we nu halverwege een zijpad inslaan. Ook hier is een fietspad, maar zodra we een wandelpad in lopen wordt het rustig.
We lopen om het Belverstven heen. Het ven is groot, maar we zien maar weinig waterleven. Een paar ganzen verstoren de stilte met hun kenmerkende gak-gak geroep.
De aarde om het ven is zwart, wat meestal vruchtbaar betekent. Ik zoek dan ook niet lang naar zonnedauw. We zijn blij wanneer we op de route uit komen waar we gisteren gelopen hebben. Terug naar de camping en de caravan.


